
Een hondje met een rode band,
woonde in een verlaten land.
Hij had een gebroken been,
hij was helemaal alleen.
Maar op een dag,
kwam er een boot met een grote vlag.
Het hondje vroeg of hij mee kon varen en dat mocht.
Het werd een hele lange tocht.
Aan boord was er ook een jongetje van tien.
Die wilde steeds het hondje zien.
Het jongetje mocht het hondje krijgen en
het hondje zou voor altijd bij hem blijven.
